thinX: toekomstmuziek die we al een tijdje maken

Wat de toekomst zal brengen, is vaak toekomstmuziek. Alleen als je de toekomst probeert vorm te geven, klinkt toekomstmuziek vertrouwder in de oren.
Het woord toekomstmuziek bestaat al sinds de 19e eeuw. Het komt van het Duitse ‘Zukunftsmusik’. Dat woord was de titel van een essay van Richard Wagner, waarmee de componist voor zijn nieuwe opera ’Tannhäuser’ de aandacht van het Parijse publiek wilde trekken. Het was voor die tijd heel moderne muziek. En wat het nog moderner maakte: Wagner had voor het eerst zelf het libretto geschreven. Normaalgesproken werd dat door een gespecialiseerde librettist gedaan.

Toen was toen en nu is nu en de toekomst is nog ver weg. Of niet? Parktheater Eindhoven is in blijde verwachting van de toekomst, waarin een steeds grotere rol voor thinX wordt weggelegd.
Het begrip thinX mag dan vager klinken als ‘Zukunftsmusik’ van Wagner. Maar het heeft net zoveel allure. We proberen er ook aandacht mee te trekken.

ThinX staat voor Theater & Innovatie 10.0 en is eigenlijk een ontdekkingsreis naar het theater van de toekomst. Hoe
ziet theater er in de toekomst uit, bijvoorbeeld in 2018? Het Parktheater maakt ruimte voor onderzoek, ontwikkeling en experiment. We onderzoeken nieuwe vormen van theater, begeleiden jonge makers bij nieuwe stappen die zij willen zetten,
zoeken naar nieuwe manieren van financieren, programmeren, organiseren en ondernemen.

ThinX is bedoeld voor theatermakers, spelers, publiek en medewerkers. ThinX is de toekomstmuziek die we al een tijdje maken. ThinX is nog pril, zoals de lente dat nu is. Maar het is belangrijk. Hier in het Parktheater zindert het, hangt het in de lucht.

Om ThinX helder te krijgen, helpt het om er muziek bij te halen. Want, zo heeft u vast wel eens ervaren, u onthoudt  beter iets op een melodie. Dat komt omdat muziek en ritme evolutionair gezien waarschijnlijk een stuk ouder zijn dan taal. Muziek kan daardoor dieper in onze hersenen binnendringen.

Denk aan Maria in ‘The Sound of Music’. Ze wilde de kinderen van meneer Von Trapp de toonladder leren. Het lukte niet zo goed en daarom koppelde ze iedere letter van de toonladder bij wijze van ezelsbruggetje aan een muzikale strofe. En iedere
strofe eindigde ook nog eens op de juiste toonhoogte voor de volgende strofe. Slim! De kinderen hadden de toonladder in no time onder de knie en gaven binnen de kortste keren de mooiste concerten.

Het Parktheater wil zoals gezegd veel bekendheid geven aan thinX. Niet door middel van een essay, zoals Wagner dat deed met zijn ‘Zukunftsmusik’, maar met een lied. Dat lied kan dan uw oergeheugen binnendringen.
Er is een ander liedje in ‘The Sound of Music’ dat zich goed leent voor een thinX-lied: ‘My Favorite Things’. Het thinX-lied heeft dan ook de titel gekregen: ‘Mijn lievelings-thinX’.

Hoe vaker het lied wordt gezongen, hoe beter ‘thinX’ een plekje in het collectieve geheugen kan veroveren en hoe vertrouwder de toekomst, en daarmee thinX wordt. Het is echt niet moeilijk, probeert u het maar. Oefenen kan met de
karaokemelodie onder de volgende link.

Mijn lievelings-thinX
Cultuur in de toekomst als een open boek
Bestaand en ook nieuw ondergaan onderzoek
Anders is raak, omarm ontwikkeling
Dit zijn een paar van mijn lievelings-thinX

Makers bedenkers en spelers en klanten
Acteurs en technici en ook figuranten
Grenzen verleggen naar rechts en naar links
Dit zijn een paar van mijn lievelings-thinX

Demente bejaarden talentvolle makers
Onbekend leidt soms tot heuse kaskrakers
Daklozen stalen een show die een ieder aanging
Dit zijn een paar van mijn lievelings-thinX

Als poëzie verstomt
Als de trom niet tromt
Als ik me triest voel
Onthoud ik gewoon mijn lievelings-thinX
En dan voel ik me goed!

(Herhaal alle coupletten)

Parktheater Eindhoven is in verwachting van de toekomst. Het Parktheater is in blijde verwachting van ThinX. Dat
klinkt vanaf nu als muziek in uw oren.

Loes Barkema

Link naar Karaoke-melodie ‘My Favorite Things’
Link naar originele songtekst ‘My Favorite Things’ uit ‘The Sound of Music’
Link naar Youtube filmpje ‘My Favorite Things’
Meer informatie over thinX

Zing het lied met ons mee! Stuur uw gezongen versie (mp4 of Youtube) naar: communicatie@parktheater.nl
Uit de inzendingen verloten we een exclusief diner-arrangement voor twee personen bij restaurant Park & Pluche.

Beeldend dichten met een vlinder, geland op het Parktheater

René Daniëls, ‘Aux Déon’, 1985

“Ik vind je werk heel mooi, zei ik tegen René Daniëls, toen ik een tijdje geleden zijn overzichtstentoonstelling in het Van Abbemuseum bezocht. Hij stond, met zijn armen losjes op zijn rug gevouwen, naar een van zijn eigen werken te kijken. Ik had al het gevoel dat ik met de deur in huis viel, maar het was er uit voor ik het anders had kunnen aankondigen. Zo kan dat gaan als iets vanzelfsprekend voelt.

Waar ik niet op bedacht was, was dat hij niet meer kon praten na een hersenbloeding die hem in 1987 deels verlamde. Hij keek mij met indringende ogen aan en hij stak de duim van zijn linkerhand op, ondersteund door een vriendelijke knik met glimlach. Ik miste in zijn reactie geen woord.

De tentoonstelling omvatte schilderijen en tekeningen uit de periode 1976 tot en met 1987, het jaar waarin de kunstenaar de  hersenbloeding kreeg, waardoor hij lange tijd niet meer kon werken. Maar zijn creativiteit kreeg weer ruimte toen hij in 2006 opnieuw begon te schilderen.

In het Van Abbemuseum leek het alsof ik bij een tragikomische voorstelling was beland. Ernstig, intelligent en speels tegelijk. Wat me trof was de manier waarop de kunstenaar beeld, humor, drama en poëzie met elkaar wist te verbinden. Het zijn vaak kleurrijke, figuratieve werken die boordevol (historische) verwijzingen, dubbelzinnigheden, commentaar een woordspelletjes zitten. René Daniëls’ zelf noemt zijn manier van werken ‘beeldend dichten’.
Eén motief keert vaak terug in zijn werk: vlinderstrikjes die over het doek lijken te fladderen.

Onmiskenbaar dezelfde vorm als de vlinderstrikjes op Daniëls’ schilderijen, hebben de vlinders (of strikken) die en masse in een symmetrisch patroon op de gevel van de Philipszaal zijn neergestreken. Het is bedacht door architect van de Philipszaal, Arie van Rangelrooij. Hij heeft zich door het vlinderstrikje van René Daniëls laten inspireren.
Zo belandde het van het schildersdoek op het theater. Arie van Rangelrooij heeft de humor, het drama en de poëzie van René Daniëls in de gevel van het Parktheater laten metselen. De vlinder is het park en het theater is het strikje.

Loes Barkema

De vlinder kent een rijke symboliek: onder andere de ziel, vrolijkheid, lente, transformatie en… verliefdheid.
Wanneer had u voor het laatst vlinders in uw buik?

Mail uw antwoord naar: communicatie@parktheater.nl en maak kans op een leuke attentie!

Heeft u wat kleingeld voor me? Eh… nee, dank u, tot ziens

Op een mooie, zonnige herfstmiddag loop ik in de stad. Ik kijk er naar uit een heerlijke cappuccino te gaan drinken op het terras van mijn favoriete koffietent. In het bijzonder verheug ik me op de romige schuimkraag en het perfecte goudbruine hartje. Dat het schuim eigenlijk gebakken lucht is neem ik voor lief. Er is wel meer dat uit gebakken lucht bestaat en als ik op alle slakken zout moet leggen is het einde zoek, zo redeneer ik.
Mijn opgetogen stemming verandert als een zwerver op mij af komt lopen. Voor ik het weet staat hij voor me. “Heeft u wat kleingeld voor me”? vraagt hij mompelend.

Indachtig de twee-euromunt die ik eerder vandaag terug kreeg van de bakker en veilig in het zijvakje van mijn portemonnee zit, zeg ik: “Eh… nee, dank u, tot ziens”. Ik maak me uit de voeten en zie niet eens hoe hij reageert. Mijn humeur is aangetast door de aanblik van deze man: vette haren, plakkerige jas en broek vol ondefinieerbare vlekken. Zijn gezicht heb ik niet eens goed gezien.

Kolkende stroom
Eenmaal op het terras staar ik naar mijn cappuccino.  Langzaam zie ik hoe het hartje de vorm aanneemt van een vraagteken en de schuimkraag die van een kolkende stroom van vooroordelen, angst, onbegrip en schuldgevoel. Hoezo ‘nee’?  Hoezo ‘dank u’? Hoezo ‘tot ziens’?
De twee euro-munt uit m’n portemonnee halen zou een kleine moeite zijn geweest. Die euro’s kan ik missen als kiespijn. Waarom gaf ik ze hem niet? Zodat deze getroebleerde man even kan genieten van een kop koffie of een broodje? Of van een biertje?

Pop-Ei
Op een mooie herfstavond bezoek ik met twee collega’s een repetitie van ‘Straatmonologen’.
Opnieuw komt er een zwerver op me afgelopen, een vrouw. Maar nu  in het zaaltje van Pop-Ei, waar de repetitie plaatsvindt. De vrouw vraagt geld aan me. Ik weet niet of ik mijn portemonnee uit mijn tas zal halen. Het is toch gespeeld? In verwarring gebracht door de situatie doe ik maar net alsof ik geld uit mijn broekzak haal en geef een fictief bedrag aan de vrouw. Haar vraag verwart me.
Na deze ‘proloog’ vertellen zeven ex-daklozen en ex-verslaafden hun levensverhaal. Sketches en muziek zorgen voor lucht tussen de verhalen. Allemaal hadden ze een moment in hun leven waarop de ellende begon. En allemaal hadden ze een moment in hun leven waarop ze de moed op konden brengen om uit hun hopeloze leven te ontsnappen.

Mijn strijd begon…
Eén voor één vertellen de ex-daklozen en -verslaafden hoe ze langzaam afgleden in een leven van tegenslagen, verslavingen, dakloos zijn en het verlies van dierbaren.
De vooroordelen die ik heb tegenover daklozen komen deze avond op losse schroeven te staan. Er blijkt altijd een aanleiding te zijn, een beginpunt. Niet gezien worden, onzeker zijn, niet geaccepteerd worden, of domweg op een verkeerde plek geboren worden. Soms  is er sprake van een ongelukkig samenspel van omstandigheden of een langzaam afglijden. De stap om in verdovende middelen te vluchten is voor de meesten heel dichtbij. Maar niet voor iedereen.
Ik realiseer me dat ik door het nemen van een paar verkeerde beslissingen in mijn leven één van hen had kunnen zijn.

Aan de bar
Op twee mooie winterdagen in december vertellen deze mensen in het Parktheater hun persoonlijke verhaal tijdens  de ‘Straatmonologen’. Over de strijd die ze gevoerd hebben en hoe ze met meer of minder succes uit hun ellendige leven wisten op te krabbelen. Allemaal kenden deze mensen een moment van ommekeer. Een verjaardag van een kind. Een ontmoeting met een geliefde, of met iemand van de maatschappelijke opvang.
Na afloop van de repetitie staan we aan de bar nog wat na te praten met twee ex-cliënten.
Op mijn biertje een mooi getapte schuimkraag, zonder hartje of vraagteken. Een gesprek zonder afstand. Gewoon, een gesprek.
Kennismaken met deze mensen die  onevenredig veel tegenslag in hun leven hebben gehad is bijzonder. Gewoon  bijzonder. Bijzonder gewoon.

Loes Barkema

‘Straatmonologen’ – NEOS & Friends
maandag 10 en dinsdag 11 december, Parktheater Eindhoven
M.m.v. zeven ex-verslaafde en ex-daklozen cliënten van NEOS (maatschappelijke opvang)
Muziek: Bertus Borgers, Denvis, Tigre Blanco en Geert Chatrou. Rita’s Kitchen verzorgt heerlijke hapjes en drankjes (alleen op 11 december)

Wat is uw reactie als een dakloze u om kleingeld vraagt?
Mail uw reactie en motivatie naar communicatie@parktheater.nl  Onder inzendingen verloten we 2 vrijkaarten en een Meet & Greet met een van de ex-daklozen uit de ‘Straatmonologen’.